Logo van Duits-Nederlandse Handelskammer

Duits recht: Uitlenen van werknemers binnen een concern

  • News

De voorwaarden voor het uitlenen van werknemers zijn in Duitsland vastgelegd in de Duitse wet op het uitlenen van werknemers [Arbeitnehmerüberlassungsgesetz]. Het Duitse UWV heeft onlangs haar geactualiseerde richtlijnen gepubliceerd over de toepassing van deze wet (Fachliche Weisungen Arbeitnehmerüberlassungsgesetz, versie 15 oktober 2024). Het Duitse UWV speelt een belangrijke rol bij de toepassing van de genoemde wet, omdat het Duitse UWV de vergunning verstrekt die over het algemeen is vereist voor het uitlenen van werknemers. Het ontbreken van een vergunning kan tot gevolg hebben dat er een arbeidsovereenkomst tussen uitzendkracht en inlener ontstaat.

DNHK: Duits recht: Uitlenen van werknemers binnen een concern

De Duitse wet op het uitlenen van werknemers is echter niet altijd van toepassing als er een werknemer wordt uitgeleend. In artikel 1 lid 3 van die wet zijn namelijk verschillende uitzonderingen op de toepasselijkheid van de wet vastgelegd. Een van de uitzonderingen betreft het uitlenen van werknemers binnen een concern. De term “concern” verwijst daarbij naar een concern in de zin van artikel 18 van de Duitse wet op naamloze vennootschappen (Aktiengesetz). Volgens dat wetsartikel is er kort gezegd sprake van een concern, als ondernemingen een gezamenlijke leiding hebben.

 

Concernondernemingen die werknemers onderling uitlenen, hoeven dus over het algemeen niet aan de Duitse wet op het uitlenen van werknemers te voldoen. Van dit uitgangspunt is er echter wederom een uitzondering voor werknemers die uitzendkrachten zijn. Volgens de letter van de wet zijn dit werknemers die als uitzendkracht in dienst treden én als uitzendkracht werken. De achterliggende gedachte is dat het binnen een concern wel vaker voorkomt dat werknemers af en toe voor een andere concernonderneming werken. Volgens de Duitse wetgever is in die gevallen de bescherming van de Duitse wet op het uitlenen van werknemers niet noodzakelijk. Als werknemers van een concernonderneming echter structureel als uitzendkrachten binnen een concern worden ingezet, denkt de Duitse wetgever daar anders over.

 

In beginsel zou het duidelijk moeten zijn of een werknemer een uitzendkracht is. Dit moet namelijk in de arbeidsovereenkomst worden vastgelegd. Soms zijn de werkgever en de werknemer zich echter van die regelgeving niet afdoende bewust. Er kan dan op enig moment een geschil ontstaan over de vraag of de werknemer als uitzendkracht moet worden beschouwd. Een dergelijk geschil lag ook voor aan de Duitse cassatierechter in arbeidszaken (Bundesarbeitsgericht). In dat geschil was een werknemer op 14 juli 2008 in dienst getreden bij zijn werkgever, een Duitse autoproducent. Feitelijk was de werknemer van begin af aan werkzaam bij een andere concernonderneming die op het productieterrein van werkgever was gevestigd. De werknemer stelde nu dat hij als uitzendkracht moest worden beschouwd en er daarom een arbeidsovereenkomst met de inlenende concernonderneming was ontstaan.

 

Bij de arbeidsrechter en bij de appelrechter werd de werknemer in het ongelijk gesteld. De Duitse cassatierechter in arbeidszaken volgde de motivering van de feitenrechters echter niet. Volgens de cassatierechter is er namelijk ook dan sprake van een uitzendkracht als een werknemer feitelijk als uitzendkracht binnen het concern werkt. Een werknemer hoeft dus niet met de intentie in dienst te zijn genomen om als uitzendkracht te worden ingezet binnen het concern.

 

Voor de vaststelling dat een werknemer feitelijk als uitzendkracht binnen het concern werkt, kan het feit dat een werknemer niet bij zijn juridische werkgever, maar uitsluitend bij een andere concernonderneming werkzaam is, een aanwijzing zijn. Echter, een van de kenmerken bij uitzendkrachten in de zin van het Duitse recht is ook dat de inlener leiding en toezicht uitoefent over de uitzendkracht. Omdat in de zaak die voorlag aan de Duitse cassatierechter nog onduidelijk was wie leiding en toezicht had uitgeoefend over de werknemer, werd de zaak voor verdere vaststellingen terugverwezen naar de appelrechter.

 

Het arrest laat zien dat er ook binnen een concern zorgvuldig moet worden getoetst of de Duitse regelgeving over het uitlenen van werknemers van toepassing is, als er binnen het concern werknemers worden uitgeleend. Het overtreden van deze regelgeving kan namelijk behoorlijke boetes opleveren. Daarnaast heeft de inlenende concernonderneming er onverwachts een werknemer bij, omdat de Duitse wet in die gevallen een arbeidsovereenkomst tussen inlener en uitzendkracht doet ontstaan. DNHK, Ulrike Tudyka

 

Bronnen:

Persmededeling van het Bundesarbeitsgericht van 12 november 2024, zaakkenmerk 9 AZR 13/24, https://www.bundesarbeitsgericht.de/presse/arbeitnehmerueberlassung-konzernprivileg/

 

Arrest van het Landesarbeitsgericht [Duitse appelrechter in arbeidszaken] Nedersaksen van 09 november 2023, zaakkenmerk 5 Sa 180/23 (ECLI:DE:LAGNI:2023:1109.5SA180.23.00)

Contact

In categorieën:

Lees het laatste nieuws

Bekijk alle nieuwsartikelen
  • Koning Willem-Alexander leest tijdens Prinsjesdag 2026, aan de zijde van koningin Maxima en in aanwezigheid van de regering en de parlementsleden, in zijn troonrede de regeringsplannen voor.
    Nieuws

    Prinsjesdag 2026: Wat betekenen de regeringsplannen voor Duitse en Nederlandse bedrijven?

    Met het voorlezen van de troonrede en de presentatie van de miljoenennota is vandaag op Prinsjesdag het nieuwe parlementaire jaar van start gegaan. Wat zijn de plannen van de regering – en wat betekenen deze voor Duitse en Nederlandse bedrijven?

  • Wat maakt grensoverschrijdende samenwerking sterk? In gesprek met Corné Boot
    Nieuws

    Wat maakt grensoverschrijdende samenwerking sterk? In gesprek met Corné Boot

    De industrie houdt niet op bij de grens – daarvan is Corné Boot overtuigd. De Head of Country Nederland bij bp spreekt over het belang van sterke Duits-Nederlandse industrieclusters, de verbindende rol van de DNHK en waarom bedrijven uit beide landen elkaar juist nu nodig hebben.

  • Gouden standbeeld van een paard met op de achtergrond een grafiek en wolkenkrabbers in een zakelijke, financiële setting.
    Nieuws

    Duitse start-upsector groeit naar vijfde plaats wereldwijd

    De Duitse start-upsector ontwikkelde zich sterk het afgelopen jaar. Volgens de nieuwe Germany Unicorn Index telt Duitsland in 2026 38 zogenoemde unicorns: niet-beursgenoteerde start-ups met een waardering van minimaal één miljard dollar. Daarmee staat Duitsland wereldwijd op de vijfde plaats en is het binnen de EU zelfs koploper. In de eerste helft van 2026 haalden Duitse start-ups daarnaast 5,3 miljard euro aan durfkapitaal op, 14 procent meer dan in dezelfde periode vorig jaar. Vooral bedrijven in defensietechnologie, kunstmatige intelligentie en andere vormen van deep tech dragen bij aan deze ontwikkeling.

Op zoek naar iets anders?

In ons informatiecentrum vindt u het laatste nieuws, downloads, video's, podcasts.

Ga naar Info Hub