Die urgentie is voor Brenninkmeijer groter dan ooit. We hebben in het verleden hele industrieën gebouwd naast energiebronnen. Nu we midden in de transitie naar duurzame energie zitten en tegelijk onze industrie elektrificeren — in een tijd waarin Europa bovendien strategisch onafhankelijker wil worden — vraagt dat enorm veel van het energiesysteem. Het net, het transport van energie en de onderliggende investeringsopgave staan onder druk. De energietransitie is niet alleen een technologische verandering, maar een grootschalige herinrichting van infrastructuur, markten en samenwerking.
Juist in die samenwerking ziet Brenninkmeijer grote kansen. Ze noemt de Delta Rijn‑corridor als voorbeeld: een grensoverschrijdende energie‑ en grondstoffenroute tussen de Nederlandse havens, het Rijnmondgebied, het Ruhrgebied en Zuid‑Duitsland. Deze corridor wordt ontwikkeld om duurzame moleculen — zoals groene waterstof en CO₂ voor opslag — veilig en grootschalig te kunnen transporteren.
Energie‑Nederland als kennisinstituut en verbinder
Brenninkmeijer ziet Energie-Nederland nadrukkelijk als kennisinstituut én als verbinder: een organisatie die meedenkt en meewerkt aan oplossingen voor de energie‑opgaven. “We willen samenwerken,” zegt ze. “Niet alleen met de energieleveranciers en producenten die lid zijn, maar juist ook met netbeheerders, de ACM, industrie, overheid en kennisinstellingen — én met consumentenorganisaties.”
Die samenwerking is volgens haar geen ‘nice to have’, maar een randvoorwaarde om de energievoorziening overeind te houden. “Samenwerking zoeken op basis van een gedeeld einddoel, door inbreng van kennis, daadkracht en innovaties die de schakels in de energieketen nodig hebben,” benadrukt ze. “Maak gebruik van elkaars kennis en kunde, praat met elkaar. Alleen zo houden we energie beschikbaar, betaalbaar en betrouwbaar — en maken we de energietransitie haalbaar in de praktijk.”
Leveringszekerheid: minder vanzelfsprekend dan we denken
Maar de praktijk is weerbarstig. De vraag naar elektriciteit groeit, de productie van zon‑ en windenergie neemt toe, het stroomnet is op veel plekken vol en geopolitieke spanningen maken duidelijk hoe kwetsbaar energie‑infrastructuur kan zijn. Juist daarom zet voormalig juriste Brenninkmeijer leveringszekerheid nadrukkelijk voorop.
“Het wordt steeds minder vanzelfsprekend dat er altijd op het juiste moment voldoende elektriciteit beschikbaar is,” zegt ze. “We hebben regelbare capaciteit, opslag, interconnecties en slimme vraagsturing nodig. En vooral: langjarig, stabiel beleid dat investeringen mogelijk maakt. Wachten vergroot het risico dat het misgaat.”
Leveringszekerheid is daarmee geen technisch detail, maar een strategisch dossier: het bepaalt of bedrijven blijven investeren, of huishoudens betaalbaar kunnen blijven wonen en of de transitie maatschappelijk draagvlak houdt. We zien dat onze buurlanden hierin al concrete stappen hebben gezet of zetten, Duitsland heeft bijvoorbeeld recentelijk aangekondigd dat er op korte termijn veilingen voor regelbare capaciteit georganiseerd zullen worden. Het is belangrijk dat ook Nederland hier actie op onderneemt.
Energieveiligheid is maatschappelijke veiligheid, op weerbaarheid van vitale infrastructuur moet Nederland Duitsland beter gaan vinden.
Weerbaarheid: energieveiligheid is maatschappelijke veiligheid
Naast leveringszekerheid noemt het bestuurslid van de DNHK weerbaarheid als een dossier waar Nederland haast moet maken — en waarin Duitsland een logische partner is. “Energieveiligheid is maatschappelijke veiligheid,” zegt ze. “Een weerbare energievoorziening vormt de basis onder onze economie, onze publieke diensten en het dagelijks leven van miljoenen huishoudens en bedrijven, in vredestijd, maar ook in een crisis.”
De geopolitieke realiteit is de afgelopen jaren fundamenteel veranderd. De oorlog in Oekraïne en spanningen op mondiale energiemarkten hebben laten zien hoe kwetsbaar Europa is wanneer energie‑infrastructuur of ‑aanvoer onder druk staat. Juist daarom moeten we blijven investeren in de fysieke, digitale en economische weerbaarheid van het energiesysteem.
Voor bedrijven in de energiesector betekent dit dat de lat hoger ligt dan ooit. Partijen moeten voorbereid zijn op hybride dreigingen vanuit statelijke actoren, cyberaanvallen, fysieke sabotage en verstoringen in internationale leveringsketens, — zowel op land als op zee. Dat vraagt niet alleen om maatregelen binnen individuele organisaties, maar vooral om nauwe en structurele samenwerking met de overheid.
“Ik zie in Duitsland meer volwassenheid in de samenwerking tussen overheid en marktpartijen,” stelt Brenninkmeijer. “Daar moeten we van leren.” Haar oproep is concreet: intensievere kennisuitwisseling, gezamenlijke oefenprogramma’s en uniforme standaarden voor cyber‑ en fysieke beveiliging. “Op weerbaarheid moet Nederland Duitsland elkaar écht beter gaan vinden,” benadrukt ze. “Dit kan niet zonder samenwerking tussen bedrijven, overheid en kennisinstituten. De tijd van vrijblijvende samenwerking is voorbij.”
Transitie met tempo én nuchterheid
De energietransitie vraagt intussen om snelheid, maar ook om realisme. “Het is geen knop die je omzet, maar een verbouwing van ons hele energiesysteem,” zegt Brenninkmeijer. “Soms maak je keuzes die niet honderd procent perfect zijn, maar die wél bijdragen aan het eindresultaat: een duurzaam, betaalbaar en betrouwbaar systeem.”
Dat betekent: doorgaan met de uitbouw van wind op zee, versnellen van opslag en flexibiliteit, en het ontwikkelen van groene waterstof dicht bij grote industriële clusters. “Onze ligging aan de Noordzee en de sterke industriële basis in beide landen zijn een troef. Laten we die vol benutten.”
Industrie onder druk: het belang van een eerlijk speelveld
Voor de industrie is de combinatie van leveringszekerheid, weerbaarheid en transitie geen abstractie, maar een dagelijkse afweging. Stijgende netkosten, netcongestie en onzekerheid over regels kunnen investeringen remmen en bedrijven doen uitwijken. “Als industrie vertrekt, verliezen we banen, kennis en welvaart. Dat raakt iedere Nederlander direct in de portemonnee,” waarschuwt Brenninkmeijer.
Haar recept: verlaag onnodige kosten in het systeem, breng nettarieven en investeringsvoorwaarden in balans met omringende landen en bied fiscale en regulatoire stabiliteit die duurzame investeringen ondersteunt. “Het gaat om een eerlijk level playing field. Maak investeren in Nederland — en in Duitsland — aantrekkelijk en voorspelbaar.”
Samen investeren in betrouwbare energie voor morgen
Nederland en Duitsland: samenwerking als noodzaak, niet als luxe
De brug naar Duitsland is daarbij geen luxe maar noodzaak. Technisch, economisch en geopolitiek zijn de belangen gedeeld. Interconnecties, gezamenlijke waterstofcorridors, afstemming van marktregels en sturen op vraagcreatie voor duurzame producten (zoals groen staal en groene chemie) zorgen voor schaal en slagkracht.
“Door een minimumpercentage duurzame inhoud in eindproducten te verplichten, stimuleer je vraag, maak je projecten rendabel en vergroot je strategische autonomie,” zegt Brenninkmeijer. “Daarmee versnellen we de transitie aan beide kanten van de grens.”
Lef en consistentie
Haar bestuurlijke ervaring in de maritieme sector en bij economische samenwerkingsverbanden kleurt de aanpak van Brenninkmeijer: praktisch, verbindend en gericht op resultaat. “Met zeventig procent van de informatie moet je soms al een besluit durven nemen,” zegt ze. “Wachten op perfectie is vaak het grootste risico. Lef en consistentie brengen projecten echt van de grond.”
De kernboodschap blijft consistent: betaalbaarheid, leveringszekerheid, weerbaarheid en transitie zijn geen losse dossiers, maar één samenhangende opdracht. “Hou het grote plaatje voor ogen,” besluit Brenninkmeijer. “We hebben een betrouwbaar en toekomstbestendig energiesysteem nodig, voor huishoudens én voor de industrie. Dat lukt alleen als overheid en markt elkaar vinden, als netbeheerders en bedrijven samenwerken, en als Nederland en Duitsland elkaar nog beter weten te vinden. Nu is het tijd voor lef en daadkracht — want zonder energie is er geen bloeiende economie.”
Tekst: René de Monchy
Foto: Energie Nederland